ALGEMENE VOORWAARDEN (LEASE)

Met algemene voorwaarden is het direct duidelijk welke rechten en plichten wij (lessor) en u (lessee) bij leasing hebben. U weet meteen waar u aan toe bent. Deze algemene voorwaarden zijn van toepassing op LeaseMeister.com en omdat wij ook lease aanbieden op GastroMeister.com en HorecaMeister.com, gelden deze voorwaarden hier ook.

Artikel 1; Lessee’s verplichting tot algehele amortisatie

1.1. Lessee huurt van lessor en lessor huurt aan lessee het leaseobject tegen een leasesom zoals in het Leasecontract is vastgelegd.
1.2. Gedurende de basishuurperiode zoals is vastgelegd in het leasecontract kan het leasecontract niet worden opgezegd.


Artikel 2; Teruggave en afwezigheid van eigendomsaanspraken

2.1. Na afloop van de basishuurperiode dient de lessee het leaseobject binnen een periode van 14 dagen aan de lessor te retourneren, indien het contract na afloop van de basishuurperiode met inachtneming van bepaalde in artikel 17 niet wordt verlengd.
2.2. De lessee verkrijgt door het leasecontract geen enkele aanspraak om tijdens, dan wel bij of na het verstrijken van de basishuurperiode of enige verlenging daarvan de eigendom van het leaseobject te verwerven.


Artikel 3; Aflevering

3.1. Lessor zal zorgdragen voor de levering/ afgifte van het leaseobject. Montage en inbouw, indien dit is overeengekomen, geschiedt voor rekening en risico van lessee.
3.2. Voor zover nodig zal lessee ervoor zorgen dat opstelruimte en toegang daarvoor geschikt zijn voor de installatie van het leaseobject en het gebruik daarvan. Lessee zal tevens zorgen, voor zover nodig, voor veilige aansluitingen en al hetgeen vereist is om het leaseobject te doen functioneren.
3.3. De door lessor opgegeven levertijden zullen nimmer als fatale termijnen worden beschouwd, tenzij anders overeengekomen. Voor niet tijdige of niet correcte aflevering is lessor eerst na schriftelijke ingebrekestelling in verzuim. Lessee heeft echter geen enkele aanspraak op enige vergoeding van welke aard dan ook indien en voorzover dit niet aan grove schuld/opzet van lessor te wijten is.
3.4. Indien de installatie van het leaseobject, voor zover nodig, niet kan worden aangevangen of voltooid als gevolg van onvoldoende of niet tijdige voorzieningen van de zijde van lessee of als gevolg van andere aan lessee toe te rekenen factoren, wordt het leaseobject geacht te zijn geinstalleerd op datum van aflevering of op datum dat het object aan lessee ter aflevering is aangeboden.
3.5. Lessor is niet aansprakelijk voor enige schade welke groter is dan de aankoopsom van het lease-object, behoudens grove schuld dan wel opzet aan de zijde van lessor.


Artikel 4; Terugtrekking van de lessor

4.1. De lessor is gerechtigd het het leasecontract te beeindigen, wanneer het leaseobject omwille van omstandigheid buiten de macht van de lessor niet geleverd wordt of niet geleverd kan worden door de leverancier.
4.2. Tot aan de afgifte van het leaseobject aan de lessee is de lessor gerechtigd het leasecontract te beeindigen, wanneer er na afsluiting van het contract omstandigheden aan het licht komen betreffende de kredietwaardigheid van de lessee, die redelijkerwijs laten vermoeden dat de lessee zijn contractuele verplichtingen niet zal nakomen.
4.3. Ingeval van hetgeen is bepaald in de artikelen 4.1 en 4.2 is lessor niet aansprakelijk voor enige schade van welke aard dan ook jegens lessor dan wel jegens enige derde.


Artikel 5; Leasingtermijnen, aanpassing, verrekening, BTW

5.1. Lessor behoudt zich het recht voor de leaseprijzen, indien (i) de aanschafprijs van het leaseob- ject voor aflevering van het leaseobject wijzigt, (ii) het BTW tarief wijzigt, dan wel (iii) afgifte en ontvangst van het object niet plaatsvindt binnen 4 weken na aanvaarding van de aanvraag door lessee en de kapitaalmarktrente met meer dan 1% is gewijzigd, overeenkomstig te herzien. Heeft één van voorgenoemde omstandigheden een verzwaring van de plichten van lessee en/ of lessor tot gevolg dan zijn beide partijen gerechtigd deze overeenkomst onmiddellijk te beeindigen.
5.2. De leasesom wordt mede berekend op basis van de beheerkosten verbonden met de geautoma- tiseerde betaling van de leasetermijnen. Indien lessee een andere betalingswijze wenst zal de leasesom met EUR 10 aan administratiekosten per verschuldigde (maandelijkse) betaling worden verhoogd. Betaling zal geschieden elke eerste dag van het kwartaal vanaf de maand van ondertekening van de overeenkomst.
5.3. De door lessor gedane betalingen strekken in de eerste plaats ter afdoening van de op verschuldigde kosten, vervolgens de verschenen rente en tenslotte de opeisbare hoofdsom die het langst openstaat (en de lopende rente).
5.4. Door overschrijding van de betalingstermijn is lessee van rechtswege in verzuim zonder dat enige aanmaning of ingebrekestelling vereist is en worden deze vorderingen van lessor direct opeisbaar. Alle gerechtelijke en buiten-gerechtelijke kosten gemoeid met de invordering van de leasesommen zullen door lessee worden vergoed. De buitengerechtelijke kosten worden vastgesteld op 15% van het verschuldigde bedrag.
5.5. De in deze voorwaarden genoemde bedragen zijn exclusief BTW en andere heffingen. Deze kosten zullen lessee in rekening worden gebracht.
5.6. Indien lessee in verzuim is in de nakoming van haar verplichtingen tot betaling van de leasesom, dan zal lessee aan lessor een rente van 1% verschuldigd zijn bovenop het in de leasesom opgenomen rentepercentage, zulks te berekenen over het op het moment van de rentebetaling nog niet betaalde deel van de totale leasesom en de op dat moment niet betaalde rente verschenen op eerdere rentevervaldata deel uitmakende van de leasesom, onverminderd de overige rechten van lessor.


Artikel 6; Verplichting tot ontvangst van het object

6.1. De lessee verplicht zich ertoe de afgiftebevestiging onmiddellijk te onder-tekenen en te bezorgen aan de lessor, zodra hij het leaseobject ontvangen heeft, het gecontroleerd heeft op foutloosheid en functionaliteit en de overeengekomen staat heeft vastgesteld. Daarbij moet de lessee het leaseobject onderzoeken met passende zorgvuldigheid, aangezien de lessor de koopprijs aan de leverancier be- taalt op basis van de ondertekende afgiftebevestiging.
6.2. Indien lessee bij afgifte van de afgiftebevestiging wist dan wel behoorde te weten dat zij door zijn/ haar toedoen dan wel nalaten het leaseobject niet in oorspronkelijke staat en zonder gebreken (foutloos) heeft ontvangen, dan is hij/ zij jegens lessor de daardoor veroorzaakte schade verschuldigd.


Artikel 7; Koopcontract tussen lessor en leverancier, garantie

7.1. De inkoopvoorwaarden van de lessor liggen aan de basis van het koop-contract voor het lease-object. Deze regelen de garantieclaims van de lessor als koper als volgt: 7.1.1. Indien het leaseobject, na aflevering daarvan gebreken vertoont, dan moet de verkoper na ontvangst van de ingebrekestelling binnen een periode van 5 dagen het object op zijn kosten herstellen. Bij mislukking van het herstel heeft de koper naar keuze recht op verlaging van de koopprijs (vermindering) of op ontbinding van de koop. 7.1.2. Voor het overige gelden de bepalingen van Boek 7 Titel 1 (koop en ruil) van het Burgerlijk Wetboek.
7.2. Ingeval het gebrek na aflevering door lessor aan lessee verwezenlijkt dan moet lessee de aan hem overgedragen garantierechten binnen de gestelde termijn geldend maken en de lessor onmiddellijk in kennis stellen van de claim. De lessor moet voortdurend op de hoogte gehouden worden door toezending van de correspondentie. De lessor zelf is bij vaststelling van een fout of gebrek enkel aansprakelijk, wanneer hij de fout of het gebrek opzettelijk verzwegen heeft of wanneer een door hem verzekerde eigenschap ontbreekt.
7.3. Ingeval lessee gebruik maakt van haar bevoegdheid ex artikel 7.2 zal in geval van koopprijsverlaging of ontbinding van de koop is de lessee gehouden betaling direct aan de lessor te eisen. Het leaseobject mag de lessee enkel aan de leverancier teruggeven bij gelijktijdige terugbetaling van de koopprijs aan de lessor.


Artikel 8; Gebruik, kosten, reparaties, toestemmingen

8.1. De lessee verplicht zich ertoe het leaseobject enkel te gebruiken voor het overeengekomen doel, het op zijn kosten in correcte en functionerende staat te houden, het op elke mogelijke manier te beschermen tegen overbelasting en het op doelmatige wijze te onderhouden en te verzorgen. Bedrijfs en onderhouds-kosten, inclusief de kosten voor noodzakelijke reparaties en reserveonderdelen, zijn voor rekening van de lessee.
8.2. De lessee verplicht zich ertoe het leaseobject niet af te staan of door te geven aan derden en ook niet terug te geven aan de leverancier. Het leaseobject mag enkel overgedragen worden aan derden voor reparatiedoeleinden en dit slechts gedurende de daarvoor noodzakelijke tijd. De lessee heeft met name niet het recht het leaseobject verder te verhuren zonder voorafgaande toestemming van de lessor. De weigering van een dergelijke toestemming geeft de lessee niet het recht het leasecontract te ontbinden of anderszins te beëindigen. Lessee zal het retentierecht bij afgifte voor reparatie of herstel uitsluiten.
8.3. De lessee is verplicht alle officiële en overige toestemmingen, die nodig zijn voor het gebruik van het leaseobject, op zijn kosten aan te vragen en te handhaven. Hij moet alle wetten, verordeningen, voorschriften en adviezen van de fabrikant en van de leverancier, die betrekking hebben op het lease- object of het gebruik ervan, in acht nemen.


Artikel 9; Meldingsplicht, bescherming van eigendom

9.1. De lessee heeft de schriftelijke toestemming van de lessor nodig voor de verandering van de overeengekomen standplaats van het leaseobject en ook voor veranderingen aan het leaseobject zelf. Ingebouwde onderdelen worden eigendom van de lessor.
9.2. Indien het leaseobject verbonden wordt aan een onroerende zaak of een andere roerende zaak, dan gebeurt dit enkel en alleen in functie van een tijdelijk doel en enkel en alleen met de bedoeling en op zodanige wijze, dat het leaseobject naar verkeersopvattingen geen onderdeel van die andere on- roerende of roerende uitmaakt, in de zin van artikel 4 Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek en dat de verbinding na afloop van de overeengekomen leaseperiode kan worden opgeheven zonder beschadiging van betekenis aan het lease-object of een der zaken. Indien de lessee niet zelf eigenaar is van de onroerende zaak of de andere onroerende zaak, dan is hij verplicht de eigenaar attent te maken op het tijdelijke karakter van de verbinding en moet hij de lessor op diens verzoek een schriftelijke bevestiging van de eigenaar voorleggen met betrekking tot het tijdelijke karakter van de verbinding.
9.3. De lessor of zijn lasthebbers hebben het recht het leaseobject tijdens de gebruikelijke kantooruren te inspecteren of te controleren. Op verzoek moet het leaseobject op een zichtbare plaats gemarkeerd worden als eigendom van de lessor.
9.4. De lessee is verplicht alle dreigende of reeds plaatsgevonden negatieve inwerkingen op het leaseobject onmiddellijk mee te delen aan de lessor. Met name in geval van een dreigende of reeds voltrokken conservatoire en executoriale maatregelen met betrekking tot het leaseobject of de onroerende of roerende zaak, als bedoeld in lid 2 van dit artikel, waar het leaseobject zich bevindt, moet lessee de lessor hiervan onmiddellijk op de hoogte stellen, het proces-verbaal van inbeslagneming overhandigen en de naam en het adres van de schuldeiser, die conservatoire of executoriale maatregelen neemt of dreigt te nemen, bekend maken. Dat geldt niet, wanneer deze zelfde maatregelen veroorzaakt werd door de lessor.


Artikel 10; Alle rechten, belastingen, heffingen

10.1 Alle rechten, belastingen, heffingen en andere lasten, die verband houden met het bezit en gebruik van het leaseobject, worden gedragen door de lessee. Zolang het leaseobject in het bezit van de lessee is, ontheft de lessee de lessor van alle mogelijke claims die derden – inclusief overheidslichamen – op grond van de opstelling, het gebruik of de eigendomsrechten op het leaseobject indienen


Artikel 11; Risicoaansprakelijkheid

11.1. Vanaf het moment van de overhandiging en afgifte tot aan de teruggave van het leaseobject draagt de lessee het risico van toevallig verlies of toevallige vernietiging, diefstal en beschadiging van het leaseobject. Ook het gevaar voor voortijdige slijtage wordt gedragen door de lessee. Dergelijke gebeurtenissen ontheffen de lessee niet van zijn verplichtingen uit het leasecontract; dat geldt ook voor diens verplichting tot volledige amortisatie (zie artikel 1).
11.2. Schadeloosstellingen, die de lessor op grond van deze gebeurtenissen ontvangen heeft, moeten gebruikt worden voor de herstel resp. vervanging van het leaseobject of in mindering worden gebracht op de betalingsverplichtingen van de lessee, indien het leasecontract beëindigd wordt. Bij een contract voor totale amortisatie moet een aftrek evenwel slechts plaatsvinden voor zover de schadeloosstelling samen met een bereikte exploitatieopbrengst de (afgerente) dagwaarde overschrijdt, die het leaseobject in contractuele staat bij afloop van het contract zou gehad hebben.


Artikel 12; Verlies, diefstal, andere schadegevallen

12.1. Wanneer één van de in artikel 12, lid 1 genoemde gebeurtenissen zich voordoet, dan moet de lessee de lessor hiervan onmiddellijk schriftelijk op de hoogte stellen.
12.2. In geval van totaal verlies, vernietiging of diefstal van het leaseobject heeft de lessee het recht het leasecontract om deze reden op te zeggen. De opzegging moet plaatsvinden binnen de 3 weken nadat de lessee kennis genomen heeft van het feit dat er aan één van deze voorwaarden voldaan is. Indien de lessee geen gebruik maakt van zijn opzeggingsrecht, dan moet de lessor binnen een pas- sende termijn op kosten van de lessee voor vervanging zorgen. Indien de lessee de vervangende levering weigert, dan geldt de afwijzingsmededeling als opzegging van het leasecontract. Op de gevolgen van een opzegging is het bepaalde in artikel 17 van toepassing.
12.3. In geval van beschadiging of voortijdige slijtage – met uitzondering van een totaal verlies (cf. artikel 13, lid 2) – van het leaseobject is de lessee verplicht naar keuze ofwel a) het leaseobject op zijn kosten door de fabrikant of in een gespecialiseerde werkplaats te laten repareren en opnieuw in contractuele staat te brengen, of b) het leasecontract op te zeggen. Voor de opzegging en hun gevolgen gelden artikel 13, lid 2 zinnen 2 en 5. De reparatieopdracht moet onmiddellijk na het plaatsvinden van het schadegeval uitbesteed worden, indien de lessee geen gebruik maakt van zijn opzeggingsrecht. Wanneer de uitbesteding van de reparatieopdracht niet binnen 4 weken na het plaatsvinden van het schadegeval aangetoond wordt aan de lessor door overlegging van de schriftelijke reparatieopdracht, dan heeft de lessor het recht het leasecontract op te zeggen. Op de gevolgen van de opzegging is het bepaalde in artikel 17 van toepassing.
12.4. Indien het leaseobject uit meerdere voorwerpen bestaat en indien enkel onderdelen getroffen zijn door beschadiging, slijtage of verlies, dan gelden bovenstaande bepalingen dienovereenkomstig.


Artikel 13; Schadeverzekering, verzekeringsuitkeringen en andere schadeloosstellingen

13.1. Voor dekking van de door de lessee overeenkomstig artikel 11, lid 1, zin 1 te dragen risico’s moet er een schadeverzekering – bij elektr. apparaten in de vorm van een elektronicaverzekering – afgesloten worden ten bedrage van de herstellings- en vervangingswaarde, waarvan de kosten gedragen worden door de lessee.
13.2. De lessee heeft het recht de verzekering af te sluiten bij een verzekeraar van zijn keuze. Daarbij kan een eigen risico van 25% van de vervangingswaarde, maar van ten hoogste EUR 500 overeengekomen worden. De verzekeraar moet een verzekeringscertificaat verstrekken ten gunste van de lessor.
13.3. Uit het verzekeringscertificaat moet de verzekering van de risico’s overeenkomstig artikel 12, alinea 1, zin 1 en het overeengekomen eigen risico blijken. Zolang de lessor niet over dit certificaat beschikt, zal de lessor het leaseobject op kosten van de lessee opnemen in de door hem afgesloten algemene schadeverzekering. Voor deze verzekering gelden de bijgevoegde Algemene Voorwaarden voor de Schadeverzekering. Daarbij moet voor het individuele schadegeval een eigen risico van EUR 150 voorzien worden, bij totaal verlies van radio-/autotelefonen en kopieer-apparaten een eigen risico van 25% van de vervangingswaarde. Het eigen risico moet gedragen worden door de lessee.
13.4. Indien het leaseobject overeenkomstig lid 3 opgenomen is in de algemene schadeverzekering van de lessor, dan worden de verzekeringskosten per kalenderjaar vooraf ingevorderd. De lessee heeft echter steeds het recht de verzekering zelf af te sluiten. Indien de lessee achteraf een verzekerings-certificaat op naam van de lessor voorlegt, dan worden reeds betaalde verzekeringskosten evenredig terugbetaald.
13.5. De lessee draagt hierbij zijn claims uit het verzekeringscontract en tegen mogelijke veroorzakers van schade over aan de lessor. Zolang de lessor de lessee niet meegedeeld heeft, dat hij deze claims zelf indient, is de lessee in geval van schade verplicht deze claims in opdracht van de lessor op eigen kosten in te dienen en directe betaling aan de lessor te eisen. Een in het verzekeringscon- tract voorzien eigen risico moet in elk geval door de lessee gedragen worden.
13.6. Ontvangen verzekeringsuitkeringen en andere schadeloosstellingen moeten door de lessor gebruikt worden overeenkomstig artikel 11, lid 2 of in mindering gebracht worden.
13.7. Voor zover de lessee schadevergoeding betaald heeft voor een schade die door de verzekeraar of een andere derde te compenseren is, is de lessor verplicht de schadeloosstellingen, die van de verzekeraar of een derde ontvangt, door te geven aan de lessee. De lessor heeft tevens het recht eventuele schadeclaims over te dragen aan de lessee.
13.8. Voor het overige gelden bijgevoede Algemene Voorwaarden voor de Schadeverzekering.


Artikel 14; Redenen voor ontbinding

14.1 Indien lessee niet, niet behoorlijk of niet tijdig nakomt dan wel indien gegronde vrees bestaat dat lessee niet in staat is of zal zijn enige verplichting, welke voor hem uit de overeenkomst voortvloeit, na te komen, alsmede in geval van (aanvraag van) faillissement , (aanvraag van) surséance van betaling, onder curatelestelling van de lessee danwel zijn vennoot, verplaatsing van woonplaats of vestigings- adres van lessee dan wel vennoot, of stillegging, verplaatsing, ontbinding of liquidatie van diens onderneming, overname of juridische fusie of splitsing change of control dan wel een overeenkomstige maatregel naar buitenlands recht, is lessee van rechtswege en onmiddellijk in verzuim en is lessor gerechtigd, zonder enige verplichting tot schadevergoeding en onverminderd de aan lessor verder toekomende rechten, zonder dat ingebrekestelling of rechterlijke tussenkomst daartoe vereist is, de overeenkomst geheel of gedeeltelijk te ontbinden dan wel de (verdere) uitvoering van de overeenkomst op te schorten. Lessor is in die gevallen voorts gerechtigd onmiddellijke voldoening van het ons toekomende te vorderen.


Artikel 15; Gevolgen van ontbinding

15.1. Indien de lessor gebruik maakt van zijn recht op ontbinding of indien de lessee gebruik maakt van zijn opzeggingsrecht overeenkomstig artikel 12, dan heeft de lessor recht op betaling van de voor de totale leasetijd nog uitstaande leasetermijnen. De aftrek of verrekening van bespaarde renten en andere ontbindingsgebonden voordelen – inclusief eventuele verzekeringsuitkeringen en andere schadeloosstellingen (cf. artikel 13, lid 2 en artikel 13, lid 6) – ten gunste van de lessee geschiedt overeenkomstig de desbetreffende wettelijke bepalingen. De claim van de lessor is opeisbaar met in- gang van de opzegging.
15.2. De lessee is verplicht het leaseobject onmiddellijk op zijn kosten en op eigen risico -terug te geven op het vestigingsadres van de lessor dat vermeld staat in het leasecontract of aan een door de lessor aangeduide derde, wiens zetel dichter bij de zetel van de lessee gelegen is. Indien de lessee het leaseobject niet onmiddellijk teruggeeft, dan heeft de lessor het recht het leaseobject op kosten van de lessee te laten afhalen.
15.3. Met uitzondering van de in artikel 13 geregelde gevallen van voortijdige contractbeëindiging moet het leaseobject zich bij de teruggave in een correcte, functionele staat bevinden die overeenstemt met de staat bij levering, rekening houdend met de slijtage die eigen is aan het contractuele gebruik. Indien het leaseobject zich niet in deze staat bevindt, dan heeft de lessor het recht, maar niet de verplichting, het op kosten van de lessee te laten herstellen in een contractuele, functionele staat.


Artikel 16; Dood van de lessee

16.1 Indien de lessee overlijdt, hebben zijn erfgenamen het recht het contract aan het einde van een contractkwartaal op te zeggen. Voor de gevolgen van de opzegging geldt artikel 17 dienovereenkomstig.


Artikel 17; Einde van het contract, opzegging, verlenging, teruggave van het leaseobject, geen verwervingsrecht van de lessee

17.1. Beide partijen kunnen het leasecontract voor het eerst opzeggen aan het einde van de basis-huurperiode met een opzeggingstermijn van 3 maanden. Het verkooprecht van de lessor aan het einde van de basishuurperiode overseen-komstig artikel 2 blijft onaangetast door de opzegging.
17.2. Indien er aan het einde van de basishuurperiode geen gebruik gemaakt wordt van het opzeggingsrecht, dan wordt het contract met 6 maanden verlengd. Hetzelfde geldt voor de daarop volgende tijd, wanneer het contract niet door één van beide partijen opgezegd wordt met een termijn van 3 maanden voor het einde van de verlengingstijd.
17.3. Indien het leasecontract opgezegd wordt overeenkomstig lid 1, dan moet de lessee het lease-object bij het einde van het contract teruggeven aan de lessor. Voor de teruggave gelden de bepalingen van artikel 15, lid 2 en 3.
17.4. Indien het leaseobject niet in contractuele staat teruggegeven wordt en de bereikte exploitatie-opbrengst daardoor niet beantwoordt aan de opbrengst die het leaseobject in contractuele staat zou hebben opgeleverd, dan moet de lessee het verschil vergoeden.
17.5. Indien de lessee het leaseobject in strijd met zijn verplichting overeenkomstig lid 4 niet binnen de gestelde termijn teruggeeft, dan moet hij voor elke bijkomende dag 1/30 betalen van de voor de contractperiode overeengekomen maandelijkse leasetermijn. Tijdens deze periode blijven de plichten van de lessee die verbonden zijn aan dit contract onverminderd van kracht. Indien de lessee de verantwoordelijkheid draagt voor de vertraging van de teruggave, dan moet hij ook de kosten voor het ophalen van het leaseobject en andere schade die veroorzaakt wordt door de vertraging vergoeden aan de lessor.
17.6. Indien de lessor de lessee een termijn gesteld heeft met de vermelding dat hij na afloop van de termijn het leaseobject niet meer aanvaardt en schade-vergoeding eist, dan heeft hij het recht, als onderdeel van zijn schade de dagwaarde te eisen, die het leaseobject in contractuele staat bij de afloop van de termijn gehad zou hebben. Voor de periode vanaf het einde van het contract tot aan de afloop van de termijn komen de lessor de rechten toe overeenkomstig lid 5.


Artikel 18; Overdracht van rechten en plichten, schuldvergelijking, retentierecht

18.1. De lessor heeft het recht alle rechten en plichten of afzonderlijke rechten uit dit contract voor herfinanciering over te dragen aan de herfinancierder. De overdracht mag geen juridische of economische nadelen voor de lessee met zich meebrengen. Indien de herfinancierder de lessee op de hoogte stelt van de overdracht, dan is deze verplicht, de overdrachtsmededeling te bevestigen en binnen de 10 dagen terug te sturen naar de herfinancierder.
18.2. Ter bescherming van de herfinancierder wordt voor het geval van een insolventieprocedure m.b.t. het vermogen van de lessor uit voorzorg het volgende overeengekomen: Indien de herfinancierder het recht heeft het leaseobject te exploiteren door verhuring, dan is de lessee verplicht op verzoek van de herfinancierder het leasecontract tegen dezelfde voorwaarden en op basis van de bereikte stand van de contractafwikkeling opnieuw af te sluiten met de her-financierder of een door hem benoemde dochteronderneming. De lessee mag daardoor juridisch en economisch niet in een nade- ligere positie geplaatst worden, dan waarin hij zich zou bevinden indien er geen sprake zou zijn van een insolventie.
18.3. De lessee kan zijn rechten en plichten uit dit contract enkel na voorafgaande schriftelijke toestemming van de lessor overdragen of verpanden.
18.4. De lessee kan vorderingen van de lessor enkel verrekenen met eigen claims, wanneer zijn tegenvordering onbetwist of rechtsgeldig vastgesteld is. De lessee kan enkel beroep doen op een retentierecht wanneer dit berust op dit leasecontract.


Artikel 19; Balansinzage, inlichtingen

19.1 Bij aankoopwaarden boven EUR 40.000,-- is de lessee verplicht jaarlijks zijn jaarbalans en het jaar- verslag ter inzage te overhandigen aan de lessor of zijn herfinancierder en op verzoek verdere inlichtingen te geven over zijn financiële positie.


Artikel 20; Wijziging van woon- of vestigingsadres

20.1 De lessee moet een wijziging van woonplaats of firmazetel onmiddellijk meedelen aan de lessor. Hetzelfde geldt voor (persoonlijk) mede-aansprakelijke vennoten van de lessee.


Artikel 21; Externe en derden

21.1 Als een leaseovereenkomst met een derde partij wordt gesloten, dan zijn de algemene (lease) voorwaarden van die externe partij van toepassingen, welke boven deze voorwaarden prevaleren. Deze voorwaarden zijn ondergeschikt aan de voorwaarden van externe partijen of derden en komen per direct te vervallen wanneer een leaseovereenkomst met een andere partij wordt overeengekomen.


Artikel 22; Geschillen

22.1 Alle geschillen met betrekking tot de totstandkoming, uitleg en/of uitvoering van de koopovereenkomst, of van nadere overeenkomsten die daaruit mochten voortvloeien, en/of met betrekking tot andere onderwerpen waaromtrent tussen de verkoper en de wederpartij een verschil van inzicht mocht zijn ontstaan, zullen in eerste aanleg worden beslecht door de Rechtbank ’s-Hertogenbosch.
14.2 Een geschil is aanwezig indien één der partijen zulks stelt.